« Older Home
Loading Newer »

Oeps…

Door een onzorgvuldigheid van onze kant werd het team Paling en Co. niet expliciet bedankt voor hun onmisbare hulp. Dus bij deze dubbel en dwars; Edwin en André, bedankt!

Goede doelen

Naast veel rijden en af en toe ontspannen hebben we op onze reis verschillende goede doelen bezocht. Allereerst het goede doel van Cander en Jeroen in Joffe, Senegal, waar straatkinderen onderwijs krijgen en zo een betere toekomst tegemoet gaan. Op de foto is te zien hoe de kinderen leren om djembé’s te maken.

Djembé maken

Daarnaast zijn we met Joost en Simon meegeweest naar hun waterzuiveringsproject in Brufut, Gambia. Daar drinken de mensen het ongezuiverde grondwater dat via putten omhoog wordt gehaald. Het doel van het project is om op de putten installaties te bouwen die met behulp van zonneenergie het water zuiveren. Op de foto krijgen Jurjen, Joost en Simon uitleg van de directeur van het lokale ziekenhuis. Hij woont zelf ook in de wijk en drinkt dus ook het water uit de putten.

Put

Als laatste bezochten we ons eigen project, de bouw van een lagere school in Sutu Sinjang. Nu nog moeten de kinderen kilometers lopen om bij een school in het volgende dorp te komen. Al jaren geleden is met de bouw begonnen, maar er was nooit genoeg geld om het af te maken. Met het voltooien van dit gebouw krijgen de kinderen van Sutu Sinjang hun langverwachte eigen school. Op de foto is de initiatiefnemer van het project te zien met op de achtergrond de onafgebouwde school.

de school

Alle dorpelingen dragen hun steentje bij aan de bouw, want hun kinderen zijn hun pensioenvoorziening en die moeten dus zo goed mogelijk opgeleid worden. Dat steentje kan op dit moment letterlijk worden genomen. Op de foto zien we hoe de mannen van cement, zand en water stenen maken die zullen worden gebruikt bij de bouw.

Stenen maken

De kinderen moeten nog even wachten tot de school klaar is. Als blanke trek je veel bekijks maar nadat we onze voetbal hadden weggegeven waren de kinderen in geen velden of wegen meer te bekennen.

Nog even wachten

Hopelijk brengen de verschillende teams genoeg geld bij elkaar om alle projecten te verwezenlijken.

Gambia

Na Senegal kwam dan eindelijk ons einddoel in zicht, Gambia (of eigenlijk THE Gambia) Het is een land dat bestaat uit de rivier de Gambia inclusief de oevers. Het ligt in Senegal en dat is dus ook meteen het enige buurland. De officiele taal is echter Engels en geen Frans en het is toeristischer, schoner en rijker dan Senegal. Na wat gedoe bij de grens en uren wachten voor het enige veer over de rivier kwamen we aan bij de hoofdstad en tevens eindpunt van de Challenge, Banjul. We made it!

Na een paar dagen relaxen aan het strand werden we ontvangen door de vice-president mevrouw Isatou Njie-Saidy. Helaas was een groot deel van de deelnemers al weer onderweg naar Nederland waardoor we met een groep van slechts 20 man daar zaten. Na wat toespraken over hoe geweldig wij waren en de samenwerking tussen Nederland en Gambia en nog meer blabla kregen we uit de handen van de vice-president een officiele oorkonde ter herinnering aan onze tocht. Heel mooi, met veel kleurtjes, verschillende lettertypes en scheef geprint op duur papier. Thanx!

Wat een mooie oorkonde!
De blijdschap straalt van de gezichten…

Foto’s brand

Hieronder staan een paar foto’s die genomen zijn toen er aan de Volvo geklust werd in Marakech.

Klussen

en blussen...

André opent met gevaar voor eigen leven de motorkap

Brand is geblust

Tja, en nu?

Senegal

Na onze rustdag zijn we op weg gegaan naar de grens met Senegal. Senegal heeft een regel dat je niet met auto’s ouder dan vijf jaar het land in mag. Ze zijn bang dat ze met vervuilende krotten uit het westen blijven zitten. Het is wel mogelijk als je op doorreis bent, maar dan word je onder begeleiding van een douanier door het land geleid. Dus reden we in een colonne door Senegal naar onze overnachtingsadressen, de Zebrabar en Lac Rose. Helaas, kun je dan zelf geen stops inlassen en niet zelf je route en tempo bepalen. Doodsaai eigenlijk na het crossen door de woestijn. Wel interessant dat het asfalt in Senegal zo slecht is dat je grote delen beter naast de weg kunt rijden dan erop.

Echt boeiend werd het pas toen we met een taxi een uitstapje maakte naar Dakar. Wat een grote stinkende stad is dat! Overal files en daartusen proberen jonge mannen hun waar aan de man te brengen. Lopend tussen de auto’s verkopen ze horloges, zonnebrillen en telefoonkaarten. Maar dat niet alleen, ook boormachines, blikjes tonijn (?) en knuffelberen worden hier verkocht.

Absoluut een aanrader om een keer te bezoeken, maar neem niet de Couscous Royal in Le Kermel. Erg lekker, maar…

Foto’s

Eindelijk een computer gevonden waar we foto’s kunnen uploaden. Geen thumbnails, dus hieronder een selectie.

Benzinepomp in Spanje

On a road to nowhere

Joost en Simon

Sven en Jurjen

Vanuit de auto

Verbrande onderdelen uit de auto

Mist daar niet iets?

Verbrande kabelboom

Joost en Simon helpen Cander en Jeroen

De mannen met de gids

Even uitrusten in de woestijn

Mooiste auto

Cander en Jeroen met een echte oldtimer

Joost en Simon

Zand

Veel zand

Uitgraven

Even schaduw zoeken

Hoort dat gat daar?

Cadeau! Cadeau!

Sahara meets Atlantic

Genoeg plek

Zonsondergang in de middle of nowhere

Woestijn

De auto doet het weer als vanouds. Tenminste, de motor… De snelheidsmeter is er mee opgehouden, het electrische dakraam is stuk, en als je de claxon indrukt gaat de achterruiterwisser aan. Maar goed, dat is genoeg om de woestijn te doorkruisen. Dus dat hebben we gedaan. Na het inslaan van de nodige voorraden - met name water en brandstof - zijn we op pad gegaan. Onze gids Abdou heeft ons door de woestijn geleid. Vier dagen en drie nachten lang in de Sahara is heel apart. Allereerst is er natuurlijk heel veel zand, maar niet alleen de zandduinen die mensen voor zich zien bij woestijnen. Ik kan me voorstellen dat woestijnvolken net zoveel woorden kennen voor zand als Eskimo’s voor sneeuw. Wat verder opviel is dat er nog behoorlijk wat vegetatie is daar. Weliswaar allemaal droge bosjes gras, maar toch. En natuurlijk de uitgestrektheid van de gebieden. Nergens ook maar enig teken van leven te bekennen. Heel af en toe een wilde kameel, maar voor de rest niets dan zand en zon. Iedere avond zochten we een plekje om onze tenten neer te zetten, een kampvuurtje te maken en ons potje te koken. ’s Nachts zagen we meer sterren dan ooit, zo donker was het.

Na twee dagen door het zand ploegen kwamen we aan bij een kleine camping aan zee. De zee! Eindelijk water na al dat zand. Jammer van al die kwallen, maar even zwemmen was toch wel fijn. Hoe lang kun je zonder douche? Vanaf daar hebben we grote delen door de duinen en over het strand gereden. Erg gaaf, maar de auto’s hadden het moeilijk. Ach, zonder lambda-sonde maakt onze Volvo een mooi rally-geluid, inclusief knallen en vuur uit de uitlaat… Dit beestje is oersterk.

Aan zee waren af en toe nog levende wezens te bekennen. Bij ieder klein dorpje en nederzetting was het hetzelfde verhaal. Van overal kwamen kinderen aanrennen: “Monsieur, donnez-moi une cadeau!”, “Cadeau, cadeau!” Vervolgens wezen ze alles aan in de auto, want alles kan dienen als cadeau. Hoewel de situatie natuurlijk schrijnend is als je met een groep westerlingen door arm gebied reist, is het ook niet mogelijk iedereen wat te geven, want dan sta je binnen no-time zelf met lege handen. Daarnaast is het de bedoeling dat onze bezittingen worden geveild voor de school in Sutu Sinjang. De meesten moesten we teleurstellen en anderen werden tevreden gesteld met een pen of andere prullaria.

Na onze reis door de woestijn kwamen we aan in Nouakchott. Dit is een stad zoals zovelen in Afrika: druk, stoffig en stinkend naar diesel en rottend afval. En ook daar, overal kinderen vragend om cadeau’s. Wij hebben ons even teruggetrokken uit alle ellende door een verblijfje in een hotel met zwembad. Dubbel? Misschien, maar je moet toch wat. Even uitrusten voor de volgende etappe. 

Computer

In moderne auto’s zit een computer. Nu blijkt dat onze oude Volvo toch nog redelijk modern was, want ook daar zit een computer in. Leuk voor het brandstofverbruik en het milieu, want zo’n ding zorgt voor een efficiente verbranding… Als hij het doet. Nadeel is dat bij een kapotte computer er geen mogelijkheid is om hem te repareren. Dan moet er gewoon een andere in. Probleem is dat er in Afrika nogal weinig Volvo’s rondrijden. Om dan een computer te vinden van het juiste type is lastig. Hoe ga je in Marokko te werk om zo’n ding te regelen? Allereerst loop je de hele stad (Agadir) af op zoek naar die ene Volvo-garage die er hoort te zijn. Als je die uiteindelijk vindt blijken ze alleen vrachtwagens te doen. Gelukkig hebben ze nog de naam en het adres van een Volvo-dealer in Casablanca, 500 kilometer verderop. Jurjen belt met Scandinaviacar en krijgt uiteindelijk Hamid te spreken. In zijn beste schoolfrans probeert hij hem het probleem uit te leggen; we moeten zo snel mogelijk een werkende computer in Agadir zien te krijgen, anders zit de reis er voor ons op. De beste man blijkt een van de weinige Marokkanen te zijn die Engels spreekt. Opgelucht vertelt Jurjen over de reis voor het goede doel en dat het zonde zou zijn als deze in Marokko al zou stranden. Van Amsterdam naar Banjul moet het zijn! “Amsterdam?” vraagt Hamid, “Maar dan kunnen we dus ook Nederlands spreken!” Hamid blijkt jarenlang in Eindhoven voor Volvo te hebben gewerkt. Hij belooft plechtig dat ALS er een computer in Marokko is, dat hij deze gaat vinden en zal laten bezorgen. De woestijnruiters kunnen hun geluk niet op. Dit gaat lukken! Nog dezelfde middag belt Hamid terug: geen computer. Hij heeft zijn uiterste best gedaan, maar helaas. Dit is een ramp! Moet de computer dan helemaal uit Nederland komen?

We nemen contact op met twee classic Volvo dealers in Nederland. Een van de twee heeft het apparaat op voorraad. Goed nieuws, maar zaterdagochtend vroeg rijdt iedereen weer verder en via DHL is de computer op zijn vroegst dinsdag pas in onze handen - een niet in te halen achterstand. We kunnen natuurlijk met de tweede groep meerijden, maar dan moeten we het zonder onze nieuwe vrienden stellen. Een ander alternatief is de computer met spoed te laten invliegen door DHL. Dan vliegt een mannetje speciaal voor ons met het pakketje naar Agadir. Dit kost een vermogen en is geen optie. Dan kun je nog beter een vriend op onze kosten laten invliegen! Hmm, dat is nog niet eens zo’n slecht idee… Maar het is inmiddels vrijdagavond en wie is er zo gek om de volgende dag te vertrekken? Een flexibel iemand moet het zijn, met veel vrij in te delen tijd… Een student dus! De eerste persoon die bij Sven opkomt is Martijn Pannevis - druk bezig met afstuderen, dus elke afleiding is welkom. Meteen naar Nederland gebeld. Martijn wil heel graag, maar gaat het toch niet doen in verband met de scriptie. (Hulde voor de discipline, Martijn!) Zijn oude buurjongen wil wel. Inmiddels hebben we op het internet een last-minute gevonden die de zaterdag om 12:05 uur vertrekt en om 19:20 uur in Agadir is. Alex van Dierick gaat akkoord. Wie wil dat nou niet? Een betaalde vakantie naar een zonovergoten badplaats. De datum van de terugreis mag hij zelf bepalen, als hij maar op tijd hier is, met de juiste spullen. Probleem is alleen hoe de computer op tijd vanuit Enschede bij Schiphol is. Deze moet zaterdagochtend al klaar liggen. We proberen contact te zoeken met Sito Classics in Enschede, maar deze zijn al gesloten. Via de Kamer van Koophandel en de login van Jurjens werk hiervoor achterhalen we de namen van de twee eigenaren. Een van de twee staat in het telefoonboek en wordt door ons gebeld. Tegelijkertijd rijdt de moeder van Cander, een van onze reisgenoten naar de andere compagnon, 3 kilometer van haar huis. We kunnen nu niets meer aan het toeval overlaten, dus alles wordt op alles gezet. Met goed resultaat; onze koerier wordt met een van de compagnons in contact gebracht. De afspraak wordt gemaakt dat Martijn de volgende ochtend om 9:00 uur de onderdelen komt halen en op tijd op Schiphol is om deze te overhandigen aan Alex. Naast de computer neemt hij ook meteen een setje bougiekabels mee. Deze zijn na de brand echt aan vervanging toe en tapen is ook niet alles. Als we dan toch iemand laten overvliegen, dan meteen maar goed. Goed geregeld dus. Het wachten is nu op bericht van Alex dat de boeking is gelukt.

Om 22:05 belt hij ons. Bij D-reizen kun je reizen voor de volgende dag alleen via de telefoon boeken. Dit kan tot 22:00 uur ’s avonds. Helaas was Alex net te laat. Hij moet het dus de volgende dag vroeg proberen. De mogelijkheid bestaat nu dat de onderdelen wel op tijd op Schiphol zijn, maar dat er Alex niet mee kan met de vlucht. We moeten zekerheid hebben! Marnix, een reisgenoot die ons relaas hoort vindt het maar een raar verhaal. Een vriend van hem werkt bij D-reizen op de boekings-desk en die werkt toch echt tot 23:00 uur. Meteen wordt deze jongen gebeld. Inderdaad is het normaal gesproken slechts mogelijk om tot 22:00 uur te boeken, maar hij gaat meteen voor ons aan de slag. De volgende ochtend zullen de tickets klaarliggen voor Alex! Soms lijkt alles toch mee te zitten. Nu is het afwachten voor de woestijnruiters. Zal alles goed gaan?

De volgende dag om 6:00 ’s ochtends vertrekken onze mede-reizigers. Onze techneuten Edwin, Ad en Arne hebben de auto zo achtergelaten dat we alleen maar de kabels hoeven te vervangen, de computer aan te sluiten en weg te rijden. In theorie dan, want misschien werkt het toch niet… Een paar uur later worden we gebeld. Martijn is met de onderdelen onderweg naar Schiphol. Bij Sito-classics is de computer getest in de auto van een van de compagnons en hij werkt. Om half twaalf belt Alex, hij is door de douane met de spullen (zonder dat ze dachten dat het om een rare bom ging) en wacht nu op het boarden. De woestijnruiters proberen te genieten van hun ‘vrije’ dag door een bezoek aan strand, maar de zenuwen overheersen. Op de camping ontmoeten we een man die voor weinig een plaat onder de auto kan lassen. Zo wordt de motor en met name het carter beschermt tegen stenen in de woestijn. Maar is het wel nodig die preparatie als je niet zeker weet of de auto weer zal rijden? Toch besluiten we het te doen: beter mee verlegen dan om verlegen. Om 17:00 uur belt Alex dat hij een uur eerder in Agadir zal zijn omdat hij zich naar binnen heeft weten te lullen op een eerdere vlucht. Sven haalt Alex met de taxi op en om 19:00 uur arriveren ze op de camping. De spullen worden ingebouwd en de auto wordt gestart. Hij loopt! Maar slaat meteen weer af. Bij elke poging hetzelfde. Daarnaast ontdekken we rook bij de bougies. Toch niet weer brand?! De kabels worden nogmaals gecheckt, de bougies vervangen, maar de rook blijft. Zou het niet kunnen zijn dat het gesmolten plastic en rubber is van de brand die door het warm worden weer gaat roken? Inderdaad verdwijnt de rook na een kwartiertje proberen. Maar hij loopt nog steeds niet lekker stationair. Zonder luchtmassameter weliswaar wel, maar dan slaat hij weer af bij gas geven. De telefonische raad van Edwin luidt: als hij loopt, rijden! En dat doen we dan maar. Om 21:45 uur vertrekken we vanuit Agadir. De nu volgende etappe wordt door de organisatie als volgt omschreven: Verstand op nul, 700km trip naar Laâyoune. Grote delen worden gereden over slechte wegen door niemandsland. Geen dorpjes, alleen maar zand om je heen en voor de rest niets. Niet voor niets vertrokken de andere teams zo vroeg. Zij zijn inmiddels aangekomen en waarschuwen ons voor zandduinen op de weg. Het opgewaaide zand kan link zijn als je er met hoge snelheid inrijdt. Daarnaast schijnen er kamelen te zijn die zomaar de weg oversteken. De woestijnruiters besluiten het rustig aan te doen. Bij het geringste teken van slaap de auto stoppen, alleen rijden als beiden wakker zijn en vooral niet te snel rijden. Na 5 minuten rijden zijn de goede voornemens overboord en knallen we door de duisternis. Uiteindelijk weten we de trip in nog geen tien uur af te leggen. Een absoluut record! Ook nog op tijd om met Simon, Joost, Jeroen en Cander mee te rijden naar Dakhla. Die 550 kilometer kunnen er ook nog wel bij. In Dakhla aangekomen worden we onthaald met een groot applaus. We schijnen toch iets speciaals te hebben gedaan. Maar die eer is ons te veel. Onze laatste koude biertjes delen we met onze redders, de mensen die hun rustdag opgaven om onze auto te repareren zodat wij weer verder konden. En dan… slapen!

Geruchten

Goed, even wat geruchten uit de wereld helpen. Onze Volvo is dus niet uitgebrand! Wel is het zo dat de lokale monteurs het probleem erger maakten door een brandje te veroorzaken onder de motorkap. Met behulp van takken en jassen hebben ze dit weten te blussen. Maar het gevolg was wel dat de slang tussen het luchtfilter en het gasklephuis was gesmolten. Daarnaast was een kabelboom beschadigd. Gelukkig hebben de meeste draden het overleefd. De motor deed toen dus echt niets meer, dus vandaar dat we gesleept moesten worden tot een parkeerplaats voor het stationsgebouw in het centrum van Marakech.

Na een overnachting in een erg luxe hotel zijn we op zoek gegaan naar een Volvo garage voor onderdelen en/of hulp. Bij de enige garage die we vonden was de Volvo-man er die dag net niet. We hebben vervolgens Arne van team Drenthe-Dakar gebeld omdat hij ons bij uitstek iemand leek om ons te helpen bij het probleem. Dit bleek een gouden greep! Nog geen kwartier later boog een hele groep Challengers zich over onze auto. Na een snelle serie ingrepen waren de gevolgen van de brand van de dag ervoor opgelost. Van een andere (niet zo belangrijke) slang uit de motor werd een nieuwe luchtslang gemaakt. (Thank God for Ducked tape!) Met behulp van zelf-vulkaniserende tape werd de bedrading gerepareerd en toen was het zoeken naar de oorzaak van het probleem. De uiteindelijke conclusie was dat het hoogstwaarschijnlijk de computer was. En dat is een lastig probleem. Besloten werd om de auto te slepen naar Agadir en daar verder te kijken. Maar eerst nog even de met benzine volgelopen cilinders leegblazen. Wel met de motorkap dicht want anders is het zo lullig voor de ernaast geparkeerde auto’s. Bougies eruit, contactsleutels omdraaien en de startmotor doet de rest. Zou je zeggen…

Helaas was het niet zo simpel. Benzine kwam er netjes uit, totdat het in de fik vloog. Voor de tweede keer binnen 24 uur zagen we onze reis in rook opgaan! Snelle handen van andere deelnemers zorgden ervoor dat de auto uit de rij van geparkeerde auto’s werd geduwd. Binnen no-time werd het brandje met drie brandblussers geblust. Toen de brandweer tien minuten later aan kwam was alles al over. Er waren geen gewonden en de materiele schade was beperkt gebleven tot de Volvo. De woestijnruiters zaten er echter verslagen bij. Dit komt niet meer goed natuurlijk… Dachten we. Om de een of andere reden waren de andere teams niet zo aangeslagen en zagen ze geen onoverkomelijke problemen. Meteen werd een plan gemaakt om de auto te fixen. Eerst werden we 250 km door de bergen gesleept naar Agadir. Met het opschuiven van een rustdag zou er genoeg tijd zijn om daar de auto te fixen.

Dezelfde dag nog zaten de techneuten alweer onder de motorkap om oplossingen te zoeken voor de gevolgen van brand nummer twee. Ook de volgende dag werd er hard gewerkt om onze Volvo weer aan de praat te krijgen. De motor van de Volvo is inmiddels weer in perfecte staat, maar er was nog steeds geen computer. Toch lijkt daar ook een oplossing voor te zijn, waarover de volgende keer meer! (Fijn zo’n cliffhanger…)

Onze grote dank gaat uit naar de volgende teams: Drenthe-Dakar, Arte et Marte, de Maoten, Amazon for Kids, de Duinkonijnen, Camel Goes Home en last but by no means least Paling en Co! Zonder hen hadden we het niet gered. Super!

 

Motto

Gisteren viel tijdens het rijden opeens de motor uit. Na het nagaan van de mogelijke oorzaken kwamen we tot de conclusie dat wij het zelf niet konden fixen. Joost en Simon hebben ons naar het dichtstbijzijnde tankstation gesleept waar een aantal lokale monteurs’ onze auto wel even aan de praat zou krijgen. Helaas maakten ze het alleen maar erger. Het eindresultaat was dat wij de laatste 165 km naar Marakech slapend hebben doorgebracht in onze Volvo die bovenop een sleepwagen stond, onder het motto: morgen weer een dag…


About

Met de auto naar Gambia, voor het goede doel. Een oude Volvo 740 voor een nieuwe school in Sutu Sinjang. Op 4 November vertrekken we vanuit Amsterdam. Drie weken later wordt de auto geveild. Een dagelijks verslag van onze belevenissen zal hier te vinden zijn. We houden u op de hoogte.